DCpearls 2017

DCpearls 2017

DCpearls 2017

What inspires you? DC Pearls 2015, Gala/Award Show

Nieuws

Ocan’s Spotlight: Magda Lacroes-Felesita

Magda Lacroes foto
Foto: Nelson Lacroes

Nederland telt meer dan 150.000 inwoners met wortels in Curaçao, Aruba, Bonaire, St. Maarten, St. Eustatius en Saba. Duizenden hiervan zijn op hun eigen manier succesvol. Stichting Ocan plaatst dit jaar elk week één van hen in de Spotlight. Deze week de Curaçaose Magda Lacroes-Felesita, bibliothecaresse, webredacteur en initiatiefnemer van de Dutch Caribbean Book Club.

Auteur: Otti Thomas

“Op mijn vijfde verhuisden we van Scharloo naar Steenrijk. Het prachtige huis van mijn opa werd afgebroken voor de bouw van de Julianabrug. Na de basisschool volgde ik de mavo en de opleiding voor Economisch Toeristisch Administratief Onderwijs (ETAO), die nu niet meer bestaat. De liefde voor lezen ontstond toen mijn ouders uit elkaar gingen. Als meisje van 14 zocht ik mijn toevlucht in boeken. Meteen na mijn ETAO-examen ging ik werken bij de Wetenschappelijke Bibliotheek in Punda. De directrice stimuleerde me om in Nederland de bibliotheekopleiding te doen. Bursalen verbleven de eerste week in een hotel en mijn kamergenote had een broer, waar ik mee in contact kwam. Hij is na ruim 36 jaar nog altijd mijn man.

Na mijn studie werkte ik in de bibliotheek van het toenmalige ministerie van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk, het ministerie van Landbouw en Visserij en het ministerie van Sociale Zaken. Ik werk nu bij een overheidsorganisatie, overigens niet meer in de bibliotheek, maar als webredacteur van de afdeling digitale dienstverlening. Daarnaast ben ik ruim vijftien jaar bestuurslid van de Koninklijke Nederlandse Vereniging van Informatieprofessionals. De KNVI organiseert congressen, lezingen, workshops en ‘kijkjes in de keuken’ voor de vakgenoten. Ik heb verschillende kijkjes georganiseerd bij onder meer de Tweede Kamer, Ernst & Young, Google,  NOS Documentatie en het Koninklijk Instituut voor de Tropen.

 

Inspiratie

“De liefde voor boeken zit in mijn hart. Ik was verbaasd dat mensen nog nooit gehoord hadden van Boelie van Leeuwen, Frank Martinus Arion of bepaalde titels. Om Caribische én Europese Nederlanders kennis te laten maken met Caribische auteurs en thema’s,  heb ik in 2012 Dutch Caribbean Book Club opgericht. Ik vind het belangrijk dat ze die schrijvers kennen, maar ook die boeken. Een blanke Nederlandse schrijver kijkt heel anders naar interraciale verhoudingen dan een Caribische auteur als bijvoorbeeld Jacques Hermelijn. Inmiddels hebben we 21 lezingen gehad. In oktober organiseren we in het Haags Historisch Museum een lezing over George Maduro en vertonen we een documentaire over de Antillen in de Tweede Wereldoorlog. Volgend jaar is er een bijeenkomst over Luis Daal en is Egbert Juliana, zoon van Elis, aanwezig tijdens de Internationale Dag van de Moedertaal. Ik wil ook heel graag Radna Fabias uitnodigen, die dit jaar de Buddingh-prijs voor het beste poëziedebuut kreeg.”

 

Obstakel

“Alleen al het feit om in Nederland te gaan studeren en wonen is een soort overwinning. Ik denk dat doorzettingsvermogen het belangrijkste is. Je kunt het opgeven als je met tegenslagen te maken hebt, maar dat doe ik niet. Op mijn 55ste haalde ik mijn bachelor HBO-Informatiemanagement, mede dankzij een goede studiebegeleider. Ik was één van de oudste studenten en studeerde naast mijn fulltime werk, maar ik geef niet op. Bij de eerste bijeenkomst van de Dutch Caribbean Book Club waren er misschien twintig mensen aanwezig. Mijn man, mijn kinderen, schoonzussen en zwagers. Maar Walter Palm zei dat ik gewoon door moest gaan en door moest zetten. Niet bij de eerste tegenslag zeggen: ik doe het niet meer.”

 

Dankbaar

“Mijn moeder had de kracht om iets groots te maken van iets kleins. Ze ging naar de markt, kocht een vis en hakte hem in mootjes, die ze verkocht. Daarmee maakte ze wat winst voor het gezin. Ze kon zo veel, zonder geld of opleiding. Als het moest, dan metselde ze een muurtje, verfde ze een kastje of naaide ze gordijnen. Ze had een groot doorzettingsvermogen en had verschillende banen om voor negen kinderen te zorgen. Ze is mijn grote voorbeeld. In Nederland is mijn manmijn grote steun en toeverlaat. Mijn kinderen zijn ook altijd bereid om te helpen. God ben ik dankbaar voor mijn kracht en verder heb ik heel veel mensen om me heen, zowel Europese als Caribische Nederlanders. Mensen die je een duwtje in de rug geven als je het nodig hebt.”

 

Helpen

“Vluchtelingenwerk zocht vrijwilligers voor het project ‘1001 krachten’. Buitenlandse vrouwen kregen Nederlandse les en begeleiding naar een baan. Dat ga ik doen, dacht ik. Ik vond een stageplek bij een restaurant voor een vrouw uit Afrika, een plek bij de Bijenkorf voor een vrouw uit de Dominicaanse Republiek en een vrouw uit Maleisië ging werken bij de Wereldwinkel. In een wijkcentrum gaf ik Nederlandse les, wat ik zeker leuk vind. Mijn man is voorganger bij een Pinkstergemeente in Den Haag en in de kerk vertaal ik simultaan van Spaans naar Nederlanders, onder andere voor jongeren, die niet met Spaans zijn opgegroeid. Dergelijke dingen geven me energie en voldoening.”

 

Advies

“We leren wel Nederlands op school, maar is anders als je naar Nederland gaat. Het is vaak een struikelblok voor Antillianen in Nederland. Je kunt dat ondervangen door veel te lezen. Een simpel boek of de krant. Ik zocht vroeger elk onbekend woord op in een woordenboek. Je vergroot je woordenschat en je kunt je zo ook beter uitdrukken. Het is ook belangrijk om mensen om je heen te hebben die je motiveren en stimuleren. Het is af en toe fijn om bij je eigen clubje te blijven hangen. Ik ben lid van Club di Antiyanas, die helaas op houdt te bestaan. Maar kijk ook verder. Dat scheelt enorm.”

 

Stichting Ocan ondersteunt Caribische Nederlanders bij het bereiken van hun individuele en gedeelde ambities en doelstellingen. ocan.nl. Volg ons ook op Facebook en Twitter.

Ocan’s Spotlight: Burnize Evertsz

Burnize Spotlight selfie_geknipt
Foto: Burnize Evertsz

Nederland telt meer dan 150.000 inwoners met wortels in Curaçao, Aruba, Bonaire, St. Maarten, St. Eustatius en Saba. Duizenden hiervan zijn op hun eigen manier succesvol. Stichting Ocan plaatst dit jaar elk week één van hen in de Spotlight. Deze week Burnize Evertsz, budgetcoach en predikant uit Curaçao.

Auteur: Otti Thomas:

“Toen mijn jongere broer voor zijn studie naar Nederland vertrok, reisde mijn moeder hem achterna en later ook mijn zus. Ik voelde me alleen en ben samen met mijn man en mijn dochter naar Nederland verhuisd. Op Curaçao werkte ik in de verzekeringswereld en dat ben ik ook in Nederland gaan doen. Dat was negentien jaar geleden. Inmiddels werk ik al twee jaar als zelfstandig budgetadviseur. Meestal voor particulieren, die niets voelen voor het schuldhulpverleningstraject van de gemeente. Dat is namelijk geen pretje. Veel mensen hebben er nare ervaringen mee en soms vallen ze na een aantal jaren terug in hun oude patroon. Ik begeleid mensen bij het aflossen van hun schulden, te beginnen bij de kleinste bedragen. Het is een lang traject, want je moet werken aan een gedragsverandering. Soms ga ik met hen naar de supermarkt om te laten zien hoe je creatief in kunt kopen met weinig geld. Ik ben daarnaast bezig met mijn landelijke certificaat voor budget coach en volg een studie intercultureel coaching. Ook doe ik de opleiding beschermingsbewind voor de bescherming van mensen, die niet in staat zijn om hun eigen financiën te regelen. Op mijn veertigste kreeg ik dus opeens een drive om carrière te gaan maken.”

Obstakel
“De vader van mijn jongste kind beloofde van alles, maar toen ik vertelde dat ik zwanger van hem was, wilde hij niets meer met me te maken hebben, Mijn hele wereld stortte in. Mijn zelfvertrouwen was weg. Zo hevig was het. Ik kon helemaal niets, ook niet meer werken, en bouwde een schuld op. De schuldhulpverlening liep vervolgens fout. De aflossing van de schuld liep via de gemeente, maar die vergat twee jaar lang mijn schuldeisers te betalen en één van hen legde beslag op mijn inboedelrekening. Drie maanden lang had ik geen inkomsten, stroom of water, maar wel drie kinderen. Daarna kreeg ik een bewindvoerder toegewezen, die achteraf niet benoemd bleek te zijn als bewindvoerder. Op een gegeven moment heb ik de knop omgezet. Ik hoorde een stem die me voor de keuze stelde: zo door gaan of vechten voor mij en mijn kinderen. Stukje bij beetje ben ik gekomen waar ik nu ben. Spijt heb ik trouwens niet. Al die ervaringen hebben me gemaakt wie ik nu ben. Als je nooit faalt, dan leer je ook niets. Je kunt de tijd bovendien niet terugdraaien, maar wel het beste maken van wat er nu komt. Daar ben ik me bezig.”

Inspiratie
“Ik ben katholiek opgevoed, maar toen een pastor van de Pinkstergemeente had gebeden, werd ik echt geraakt door de Heilige geest en bekeerde. Mijn hele leven veranderde. Ik kreeg een innerlijke rust. Nu ben ik evangelist bij de Pinkstergemeente in Den Haag. God is mijn houvast. Hij hielp me toen het slecht ging. Door beproevingen wordt het geloof alleen maar sterker. Hij hielp ook daarna. Ik vroeg wat ik moest doen en droomde dat ik andere mensen met schulden moest gaan helpen. De volgende ochtend heb ik meteen de Kamer van Koophandel gebeld en een paar dagen later was ik ingeschreven. Het is mooi als je anderen kunt helpen door de dingen die je hebt meegemaakt. Ik weet hoe het voelt om grote schulden te hebben. Ik kan me volledig inleven. Mijn levenservaring is dus mijn inspiratie.”

Helpen
“Ik help al anderhalf jaar een gepensioneerde vrouw, die me niet eens kan betalen. Dat kan ik natuurlijk niet altijd doen, maar het geeft me voldoening omdat ze zo dankbaar is. Inmiddels heeft ze haar schulden bijna afbetaald, omdat ze precies doet wat ik zeg. Mensen die me wel betalen voor mijn hulp, doen dat soms niet. Ze willen wel hulp, maar werken niet mee. Ik help ook veel Spaanstalige mensen, die mede door de taalbarrière snel schulden maken. Omdat ik vloeiend Spaans spreek, help ik ze bij het aflossen van hun schulden, maar ik help ze ook als vertaler bij instanties als de jeugdzorg, de gemeente, de rechtbank of bij het indienen van bezwaarschriften. Een koppel uit Colombia wil een eigen klusbedrijf beginnen. Daar ga ik ze deze maand mee helpen.”

Dankbaar
“Ik ben God dankbaar, maar ook mijn drie kinderen hebben me altijd gesteund. Ze zeiden dat ik mijn best moest doen, omdat ik hen ook inspireerde. Verder heb ik veel te danken aan mijn buurman Elvis Monte aan de Ammunitiehaven in Den Haag, waar ik mijn kantoor heb. Hij is belasting adviseur. Ik ken hem inmiddels acht jaar en vanaf het begin heeft hij in mij geloofd. Als ik advies nodig heb, helpt hij me altijd.”

Advies
“Het is onder onze mensen, dus Antillianen, nog steeds een taboe om te vertellen dat je schulden hebt. Maar je hoeft je niet te schamen. Je kunt schulden krijgen door een scheiding, door ziekte, door ontslag. Het kan iedereen gebeuren. Zoek op tijd hulp en wacht liever niet tot je echt in de knel zit. Hetzelfde geldt voor andere problemen. Als je erover praat met anderen is er altijd een oplossing. Alle problemen hebben een moment waarop ze begonnen, maar ook een moment waarop ze eindigen.”

Stichting Ocan ondersteunt Caribische Nederlanders bij het bereiken van hun individuele en gedeelde ambities en doelstellingen. ocan.nl. Volg ons ook op Facebook en Twitter.

Ocan’s Spotlight: Dyonna Benett

Dyonna

Foto: Dyonna Benett

Nederland telt meer dan 150.000 inwoners met wortels in Curaçao, Aruba, Bonaire, St. Maarten, St. Eustatius en Saba. Duizenden hiervan zijn op hun eigen manier succesvol. Stichting Ocan plaatst dit jaar elk week één van hen in de Spotlight. Deze week Dyonna Benett, erfgoedprofessional met roots op Curacao en in de Dominicaanse Republiek.

 

Auteur: Otti Thomas

“Mijn moeder kwam naar Nederland toen ze zwanger was. Inmiddels heb ik het geaccepteerd, maar vroeger vond ik dat jammer. Mijn oudere zus en de meeste familieleden waren wel op Curaçao geboren en op de een of andere manier voelde ik me buitengesloten. Ik weet niet hoe het was gelopen als ik wel op Curaçao was geboren en opgegroeid, maar juist door die afkomst vond ik dat ik Curaçao goed moest representeren in Nederland. Het zat in de kleine dingen. Op school deed ik extra mijn best om te laten zien dat iemand met een kleur ook kon presteren. Toen ik ontdekte dat Curaçao niet goed werd gerepresenteerd in de Nederlandse geschiedenis, vond ik dat ik me daarvoor in moest zetten en koos de studie Cultureel Erfgoed. In het begin richtte ik me vooral op de representatie van culturen in musea en tentoonstellingen, en op multiperspectiviteit, dus aandacht voor meer invalshoeken bij tentoonstellingen. Op dit moment ben ik betrokken bij de invulling van een grote Pan-Caribische tentoonstelling in 2019, waar ik nog niet teveel over kan zeggen, werk ik fulltime bij het Historisch archief van het Waterschap Amstel, Gooi en Vecht en ben ik adviseur Beeldende Kunst en Cultureel Erfgoed bij het Mondriaan Fonds. Daarnaast ben ik tegenwoordig vooral bezig met veel projecten op het gebied van inclusiviteit, dus het betrekken van alle bevolkingsgroepen bij evenementen en tentoonstellingen in Nederland. Door de diaspora hebben we namelijk meer overeenkomsten dan verschillen.”

 

Inspiratie

“Onze voorouders hebben lang gestreden om met respect te worden behandeld. Ze wilden dat hun verhaal werd verteld, gehoord en erkend. Ik denk dat dat mijn belangrijkste drive is. Ik wil laten zien dat we meer zijn dan het beeld dat vroeger van ons bestond. We leven in de eeuw van de bewustwording, een tijd dat we echt een verschil kunnen maken. Ik geloof dat onze voorouders ons daar ook bij begeleiden en sturen. Dat geldt ook voor mijn voorouders uit de Dominicaanse Republiek, waar ik me nog verder in ga verdiepen.

Carnaval is ook belangrijk voor mij. Ik nam het initiatief voor de toevoeging van Zomercarnaval aan de Nationale Inventaris Immaterieel Cultureel Erfgoed. Het is meer dan het aantrekken van een kostuum en dansen. Het gaat veel dieper. Het heeft betrekking op representatie, want je laat jezelf zien. En als je spiritueel bent ingesteld, zoals ik, dan eer je je voorouders die ook carnaval vierden. Omdat carnaval meer is dan een feestje denk ik daarom dat zoveel mensen uitkijken naar het Zomercarnaval in Rotterdam. Een dag per jaar kun je zoiets moois ervaren.”

 

Obstakel

“Ik heb altijd een beetje last van faalangst gehad. Dat ik niet op de juiste manier aan de verwachtingen voldoe. Bijvoorbeeld bij presentaties voor een publiek van mensen die niet graag dingen aannemen van anderen. Of bij het schrijven van mijn afstudeerscriptie over de representatie van identiteit in Curaçaose musea. Mensen zaten er op te wachten, want het was nooit eerder onderzocht en ze konden mijn bevindingen en aanbevelingen gebruiken om verder te komen. Heel vaak dacht ik dat ik het niet zou halen en dat ik het niet kon. Maar met steun van mensen om me heen, doe ik het dan toch en gaat het goed.

Er zullen altijd mensen met kritiek zijn want erfgoed is een maatschappelijke kwestie, maar tegelijkertijd ook heel persoonlijk. Als daaraan wordt gesleuteld omdat een bepaald beeld of verhaal niet klopt, dan kan dat voor moeilijkheden zorgen. Het heeft dus tijd nodig. Tijd, veel onderwijs en heel veel gesprekken met voorbeelden waarom dat beeld niet klopt. Als je mensen op de juiste manier benaderd, dan staat ze wel open voor een dialoog.”

 

Dankbaar

“Ik ben veel mensen dankbaar, onder wie natuurlijk mijn moeder. Maar vooral ook mijn geliefde. Ze is de liefde van mijn leven. Op het moment dat ik dit had geaccepteerd kon ik ook helemaal voor haar gaan. Ik ben normaal gesproken erg gesteld op mijn privé leven, maar het overlijden van Marieta Emers heeft mij op andere gedachten gebracht. Ze heeft zich altijd ingezet voor het bespreekbaar maken van seksualiteit in de Caribische Gemeenschap en het voelde verkeerd om dit weer voor mezelf te houden. Dit is voor mij geen moment van ‘uit de kast komen’ Er zijn vrienden en enkele familieleden die het weten. Ik hoef niet in een hokje geplaatst te worden, of benoemd te worden als biseksueel. Ik ben een mens en ik ben verliefd geworden op een vrouw. Mijn leven loopt goed door de liefde die we al zeven jaar voor elkaar voelen. Ze zorgt voor me, steunt me en geeft me advies. Sinds we samenwonen is zij degene die mij op mijn pad houdt.

 

Helpen

“Sinds ik adviseur ben voor het Mondriaanfonds krijg ik vaak vragen over het aanvragen van fondsen. Bij tentoonstellingen vormt gevoel vaak de basis en mensen willen weten hoe ze die gevoelens het beste kunnen verwoorden. Het belangrijkste is om je plan zoveel mogelijk uit te werken en je af te vragen wat je doel is. Voor een tentoonstelling over verschillende culturen is bijvoorbeeld de keuze voor een goede curator erg belangrijk.

Ook buiten mijn werk word ik soms benaderd voor advies of motivatie. Mensen hebben soms de juiste woorden nodig om verder te kunnen.”

 

Advies

“Ik denk dat je met positiviteit meer bereikt dan met negativiteit. Ik snap best dat veel mensen door gebeurtenissen uit het verleden boos of ontevreden zijn , maar met liefde en door voortdurend te focussen op wat er wel goed gaat bereik je veel meer. Mijn advies aan anderen is om volledig te vertrouwen op wat ze kunnen en willen bereiken. Soms voelt het alsof we niet geschikt zijn voor iets waardoor we gaan twijfelen of we over de juiste kwaliteiten beschikken. Maar zodra we onze gedachten en dromen met de juiste energieën voeden, dan zal het je verbazen waar het universum tot in staat is. Vertrouw op jezelf, geloof, just do it and go for it!

 

Stichting Ocan ondersteunt Caribische Nederlanders bij het bereiken van hun individuele en gedeelde ambities en doelstellingen. ocan.nl. Volg ons ook op Facebook en Twitter.

Ocan’s Spotlight: Linton Jayson Posthumus

Linton Jayson

Foto: Linton Jayson Posthumus

Nederland telt meer dan 150.000 inwoners met wortels in Curaçao, Aruba, Bonaire, St. Maarten, St. Eustatius en Saba. Duizenden hiervan zijn op hun eigen manier succesvol. Stichting Ocan plaatst dit jaar elk week één van hen in de Spotlight. Deze week de Fries-Curaçaose zaakwaarnemer in het internationale profvoetbal Linton Jayson Posthumus, eigenaar van LJ Sports & Employment.

Auteur: Otti Thomas

“Het runnen van een football agency heeft meerdere facetten. Ik werk als manager voor individuele voetballers en ben scout/intermediair voor een aantal clubs. De individuele spelers begeleid ik bij hun carrière als profvoetballer. Van de clubs krijg ik bijvoorbeeld de vraag voor een spits of buitenspeler, die ik dan aandraag. Of ze vragen informatie over een speler die door iemand anders is aangeboden. Ik gebruik een scoutingplatform met wedstrijden uit de hele wereld, waarop je individuele spelers kunt volgen. Je kunt van één speler alle dribbelacties, schoten of loopacties in een wedstrijd selecteren of hele wedstrijden terugkijken. Ik werk wereldwijd maar heb de afgelopen tijd veel klussen gedaan in Azië. Deze zomer heb ik nog een speler uit Australië getransfereerd naar Japan. De salarissen zijn daar veel hoger. Spelers die op hun 28ste nog een paar jaar als voetballer voor zich hebben, verdienen daar meer dan bij een gemiddelde club in Nederland. Mijn omzet komt dus voor het grootste deel uit Azië. Op termijn wil ik mijn werkzaamheden in Nederland nog meer gaan uitbouwen zodat mijn Agentschap ook in eigen land mee kan draaien aan de top. Het is van mij ook een droom om ooit ‘aan de andere kant’ van de tafel te zitten en zelf een voetbalclub te leiden.”

 

Inspiratie

“Toen ik negen was, zag ik de film Jerry Maguire met Tom Cruise als een sports agent. Dit maakte diepe indruk op mij en is me altijd bijgebleven. Als kind wilde ik natuurlijk het liefst profvoetballer worden, maar op een gegeven moment besefte ik dat ik te weinig talent had en realistisch moest zijn. Na de HBO-opleiding voor Sport, Gezondheid en Management studeerde ik rechten aan de Rijksuniversiteit van Groningen met het doel om als zaakwaarnemer in het internationale profvoetbal aan de slag te gaan. Tijdens mijn studie ben ik al een beetje begonnen en met hard werken, veel tijd en een beetje geluk ging het lopen. Na mijn studie heb ik niet eens een andere baan hoeven te zoeken. Ik leef mijn droom.”

 

Obstakels

“Het internationale profvoetbal is een harde wereld, waarin geld een prominente rol in speelt. Toen ik begon, merkte ik al snel dat je de zaken realistisch moet houden. Soms is het dus beter om iets aan je voorbij te laten gaan en jezelf heel veel gedoe en tijd te besparen. Dit voorkom je door bijvoorbeeld alle afspraken op papier te zetten. Een klik en vertrouwensband met de spelers is de basis voor de samenwerking. Juist in die harde wereld vind ik het belangrijk om spelers goed te begeleiden. Er is namelijk veel talent, maar veel jongens redden het niet omdat ze niet weten hoe ze verder moeten komen of verkeerde keuzes maken. Als ik jongens hierin kan ondersteunen zodat ze het wel redden, dan ben ik een blij persoon.”

 

Dankbaar

“Mijn ouders hebben wel eens gesuggereerd dat ik moest solliciteren toen ik net klaar was met mijn studie, maar ze hebben me eigenlijk altijd gesteund in mijn keuzes. Ze zijn ook ondernemers en mijn vader doet nog steeds mijn boekhouding. Mijn Curaçaose moeder kwam naar Nederland om te werken voor Hajé Restaurants waar ze mijn Friese vader tegenkwam. Opgroeien tussen twee culturen was te merken in mijn opvoeding. Mijn moeder was bijvoorbeeld veel directer en strikter dan de moeders van mijn Nederlandse vrienden. Van haar heb ik mijn discipline en focus. Van mijn vader heb ik de Friese mentaliteit. Een nuchter karakter. In beide culturen voel ik me thuis. Het voelt vertrouwd als ik Cache Royale hoor of familie op Curaçao bezoek, maar ook als ik op zaterdag mijn Friese oma bezoek met Omrop Fryslân op de radio.”

 

Helpen

“Voetballers die op een iets lager niveau spelen, vragen me wel eens om hulp via Facebook en LinkedIn. Ik kijk altijd naar beelden van hun spel, maar ben altijd eerlijk. Als ik niets voor ze kan doen, dan laat dat weten. Er zijn ook veel voetballers aan het eind van hun carrière die agent willen worden. Meestal geef ik mee dat het (jeugd) trainerschap ook een mooie keuze is. Een van de mooiste dingen is namelijk om de ontwikkeling van de spelers van dichtbij te zien. Het werk als agent wordt ook vaak onderschat. Er komt veel meer bij kijken, dan alleen bellen met clubs. Ik heb me tijdens mijn studie gespecialiseerd in arbeids- en ondernemingsrecht, dus een goede juridische basis. Er zijn ongetwijfeld jongens die zich dat ook zonder die studie heel snel eigen maken, maar in mijn optiek is het zonder enige juridische kennis niet makkelijk als agent.”

 

Advies

”Succes is niet de sleutel tot geluk, maar geluk is wel de sleutel tot succes. Ik adviseer iedereen daarom altijd dat ze iets moeten doen wat ze leuk vinden. Het moet iets zijn waarvoor je elke ochtend met plezier uit je bed komt, want anders lukt het niet. Ik weet dat het niet voor iedereen makkelijk is om dat te bereiken, maar probeer het wel na te streven. En het maakt dan uiteindelijk niet uit of je 2000 of 2500 euro per maand verdient, maar des te meer dat je gelukkig bent in wie je bent en wat je doet.”

 

Stichting Ocan ondersteunt Caribische Nederlanders bij het bereiken van hun individuele en gedeelde ambities en doelstellingen. ocan.nl. Volg ons ook op Facebook en Twitter.

 

Ocan’s Spotlight: Karel Paulina

Paulina

Foto: Karel Paulina

Nederland telt meer dan 150.000 inwoners met wortels in Curaçao, Aruba, Bonaire, St. Maarten, St. Eustatius en Saba. Duizenden hiervan zijn op hun eigen manier succesvol. Stichting Ocan plaatst dit jaar elk week één van hen in de Spotlight. Deze week Karel Paulina, taartenbakker uit Curaçao.

Auteur: Otti Thomas

“Eerlijk gezegd had ik niet verwacht dat het zo groot zou worden. Ik ben er gewoon in gerold. Mijn tante bakte taarten op Curaçao. Ze was zelf niet zo creatief, maar ik wel, dus als ze een moeilijke opdracht had, vroeg ze aan mij om de taarten te decoreren. Eenmaal in Nederland bakte ik taarten voor mezelf en voor vrienden, die reclame voor me maakten. Sociale media hebben daar ook een grote rol in gespeeld. Inmiddels heb ik mijn eigen bedrijf, Cakes by Kee. Ik zit in Rotterdam, maar mijn klanten zitten overal in Nederland. Tot in Groningen worden bestellingen gedaan, omdat de kwaliteit zo goed is en ik achter mijn taarten sta. Het gaat zo goed dat ik inmiddels iemand in dienst heb. Er zijn heel veel mensen die taarten bakken, maar ik zie ze niet als concurrent. Ik kan toch geen taarten voor heel Nederland bakken.”

 

Inspiratie

“Ik maak 3D taarten die je van alle kanten kan bekijken. Bijvoorbeeld een schoen of een auto. Wat de smaak betreft is het een Antilliaanse taart, maar ik noem het cake, want dan begrijpt iedereen hoe het smaakt. Het recept heb ik in de loop van de tijd zelf ontwikkeld door te experimenteren. Mijn inspiratie haal ik voor 50 procent overal vandaan en 50 procent van internet. Ik zie of bedenk iets, ik kijk of iemand iets vergelijkbaars heeft gemaakt en dan geef ik mijn eigen draai eraan. Een favoriete taart heb ik niet. Soms maak ik drie of vier varianten van dezelfde taart, maar ze zijn allemaal bijzonder, want ik weet hoeveel tijd ik erin geïnvesteerd heb.”

 

Obstakel

“Als je jong bent, weet je niet precies wat je wil. Als kind wilde ik leraar worden. Omdat ik van de mavo kwam, moest dat via een omweg en koos ik voor de studie onderwijsassistent, maar tijdens mijn stage merkte ik dat het niets voor me was. Daarna koos ik voor de Mode Academie in Den Haag, waar ik mijn creativiteit misschien kwijt kon, maar dat ging te langzaam voor me. Op Curaçao haalde ik alsnog mijn diploma voor onderwijsassistent en ik ging weer terug naar Nederland. Ik probeerde rechten en studeerde daarna Human Resources Management. Ik begon goed, maar de achten veranderden na mijn stage in zevens, zessen en vijven. De motivatie was weg. Ik zag mezelf niet voor de rest van mijn leven achter een bureau zitten en de problemen van andere oplossen. Stoppen was geen makkelijke keuze. Mijn leraren zeiden dat ik vol moest houden, want ik hoefde nog maar een jaar. Maar zou ik er gelukkig van worden? Nee! Geeft een papiertje echt zekerheid? Nee! Als ik voor een inkomen had gekozen, was ik op Curaçao gebleven en had ik een studie gedaan voor docent of mijn rechtenstudie afgemaakt. Maar het gaat niet alleen om wat je verdient. Het gaat om wat je voelt. En mijn passie had ik al gevonden in mijn hobby. Wat ik bij HRM heb geleerd, heb ik overigens wel meegenomen in mijn eigen bedrijf.”

 

Dankbaar

“Zonder mijn tante en mijn ouders was dit allemaal niet mogelijk geweest. Mijn ouders steunden me voor 1000 procent. Het was natuurlijk wel een dingetje toen ik stopte met mijn studie. Ik was naar Nederland gekomen voor een diploma. Maar het is niet zo dat ik helemaal niets deed. Dat ik thuis zat en elke maand mijn hand ophield. Ik was en ben altijd bezig. Ze gaven me dus financiële steun en probeerden me te motiveren. Dat gold ook voor mijn partner en mijn vrienden. Ze gaven advies, al ben je zelf uiteindelijk verantwoordelijk voor de keuzes die je maakt.”

 

Helpen

“Zo nu en dan krijg ik vragen van startende ondernemers over aandachtspunten bij het starten van eigen zaak. Na een jaar weet ik nog niet alles, maar ik ken een aantal belangrijke valkuilen. Die kennis deel ik graag met hen. Verder krijg ik regelmatig technische vragen over taarten, zowel op sociale media als tijdens de workshops die ik geef.”

 

Advies

“Een keuze maken, is niet makkelijk als je jong bent. Je denkt dat je weet wat je wil, maar je moet het eerst proberen om erachter te komen of het echt iets voor je is. Misschien weet je zeker dat je international business management wil studeren. Je ontdekt het pas als je het daadwerkelijk doet. Ik denk dat het wel belangrijk is om op tijd te stoppen, zodat je geen schuld opbouwt. Gelukkig ben ik wel op tijd gestopt.”

 

Stichting Ocan ondersteunt Caribische Nederlanders bij het bereiken van hun individuele en gedeelde ambities en doelstellingen. ocan.nl. Volg ons ook op Facebook en twitter

 

 

 

 

Ocan’s Spotlight: Ramises Verginie

Ocan spotlight Verginie
Foto: Ramises Verginie

Nederland telt meer dan 150.000 inwoners met wortels in Curaçao, Aruba, Bonaire, St. Maarten, St. Eustatius en Saba. Duizenden hiervan zijn op hun eigen manier succesvol. Stichting Ocan plaatst dit jaar elk week één van hen in de Spotlight. Deze week Ramises Verginie, kapper en drummer van Cache Royale.

Auteur: Otti Thomas
“Eigenlijk wilde ik als kind al kapper worden. Waar ik goed in ben, is het kijken naar andere mensen en snel begrijpen hoe ze iets doen. Zo ging het ook bij de kapper. Als ik zondag mijn haren liet knippen, liet ik andere klanten voorgaan, zodat ik kon kijken hoe er geknipt werd. Op die manier is mijn passie ontstaan. Na de middelbare school ging ik naar de RK MTS. Ik droomde ervan om architect te worden. Het viel tegen. Iedereen was technisch, behalve ik. Dus ik ben gestopt en vanaf mijn veertiende werkte ik bij verschillende kappers op Curaçao. No Limit, Strak Strak en Doezini Barbershop. Ik kwam naar Nederland omdat mijn vriendin hier ging studeren en ik zelf ook toe was aan iets anders. Na een aantal jaren bij Cut’N Go in Rotterdam, begon ik mijn eigen kapperszaak Ramises Barbershop aan het Rabbijn Maarsenplein in Den Haag. Het liep meteen goed. Er zijn veel Chinese kappers in de buurt, maar er is maar één Antilliaanse kapper. Mijn eigen kapperszaak is goed te combineren met mijn andere passie. Ik ben drummer, ook sinds mijn veertiende, en speelde eerst bij Cache Deluxe en nu Cache Royale. Het is wel zwaar om vrijdagavond op te treden en dan op zaterdag te werken, maar het scheelt dat ik eigen baas ben. Ik pas mijn werktijden aan, al moet ik het later wel inhalen.”

 

Inspiratie

“Mijn liefde voor muziek komt uit mijn familie. Van mijn moeders kant zijn bijna alle familieleden muzikant. Het meest bekend is mijn oom Rudy Emerenciana. Kappers zijn er niet binnen mijn familie. Mijn vader heeft alleen een tondeuse om zich te scheren. Ik haal mijn inspiratie uit de kapsels van collega-kappers. Er is geen hevige concurrentie en ik ben bevriend met kappers met wie ik samenwerkte. We bellen elkaar zelfs als we vinden dat figuren of het verloop van de haren niet mooi zijn. Ik heb geen voorkeur voor kapsels. Mijn klanten zijn een mix van Caribische en Nederlandse mannen en jongens. Of vrouwen, als ze kort haar hebben. Ik geniet wel altijd van nieuw materiaal. Een nieuwe tondeuse of schaar. Ik knip liever met een nieuwe schaar, ook al is het precies dezelfde als mijn oude.”

 

Obstakel

“Ik ben geen echt familiemens, maar toen ik naar Nederland vertrok was het moeilijk om mijn familie achter te laten. Ik mis ze nog steeds. Mijn drie kinderen mis ik ook. Mijn ex-vriendin is terug gegaan naar Curaçao, maar ik wilde in Nederland blijven. Ik had mijn kapsalon als doel. Het was niet makkelijk, maar ik heb een rationele instelling. Als zij gelukkiger wordt op Curaçao, dan gun ik haar dat. En misschien komen mijn kinderen wel in Nederland studeren. De oudste is twaalf, dus het duurt nog zes jaar. Ik heb geen plannen om terug te gaan naar Curaçao. Op Curaçao zou ik teveel concurrentie hebben als kapper. Maar wil ook niet gebonden zijn aan Nederland. Ik hou erg van nieuwe uitdagingen. Dus als ik over twee jaar een kapperszaak in Spanje zou kunnen beginnen, zou ik het meteen doen.

 

Dankbaar

“Ik heb veel te danken aan mijn moeder. Mijn ouders waren teleurgesteld toen ik stopte met de MTS, maar mijn moeder is me altijd blijven steunen in alle keuzes die ik maakte. Bovendien heb ik inmiddels laten zien, dat ik iets bereik. Ik heb een goede vriend die me altijd heeft gestimuleerd om dingen te proberen. Hij is ook kapper en we trekken al 25 jaar met elkaar op. Als hij ergens ging werken, dan volgde ik daarna en als ik ergens ging werken, volgde hij. Inmiddels werkt hij bij een kapsalon in Zoetermeer.”

 

Advies

“Ik heb eigenlijk maar een advies. Als er iets is dat je leuk vindt, een hobby, dan kun je het beste zorgen dat je daar je geld mee kan verdienen. In mijn geval zijn het er twee. Knippen en drummen.”

 

Stichting Ocan ondersteunt Caribische Nederlanders bij het bereiken van hun individuele en gedeelde ambities en doelstellingen. ocan.nl. Volg ons ook op Facebook en Twitter

 

 

Ocan’s Spotlight: Cedric van Uytrecht

Cedric van Uytrecht_edit
Foto: Cedric van Uytrecht

Nederland telt meer dan 150.000 inwoners met wortels in Curaçao, Aruba, Bonaire, St. Maarten, St. Eustatius en Saba. Duizenden hiervan zijn op hun eigen manier succesvol. Stichting Ocan plaatst dit jaar elk week één van hen in de Spotlight. Deze week Cedric van Uytrecht, verloskundige en master physician assistant uit Curaçao.

Auteur: Otti Thomas

“Mijn vader werkte bij de Shell en mijn moeder was onderwijzeres, maar ik wilde altijd iets doen in de medische wereld. Het beroep van verloskundige sprak me aan door de mate van zelfstandigheid en de emotie die erbij komt kijken. Het gaat over het leven, over de mens. Ik werkte voor het Academisch Ziekenhuis Utrecht, wat nu het Universitair Medisch Centrum Utrecht is, het ziekenhuis van Oss, had een eigen praktijk met een collega en ben nu verbonden aan het Màxima Medisch Centrum in Veldhoven. Ik heb zowel thuis- als ziekenhuisbevallingen begeleid. Momenteel begeleid ik alleen bevallingen in het ziekenhuis. Ik werk ook op de afdeling high care als een soort ‘zaalarts’ voor vrouwen met een risico om extreem vroeg te bevallen. Hiervoor volgde ik de opleiding voor  master physician assistant, een zwaardere functie waarin ik bijvoorbeeld omga met complexere situaties vanuit een wetenschappelijke invalshoek en medicatie mag voorschrijven.

Sinds een paar jaar geef ik soms trainingen in acute verloskunde. Wat doe je als team bij complicaties, bijvoorbeeld als een vrouw na de bevalling veel bloed verliest? Het belangrijkste is dan altijd goede communicatie.”

 

Inspiratie

“Ik loop er niet mee te koop, maar ik ben trots op wat ik heb bereikt. Vooral omdat ik er hard voor heb gewerkt. Verloskundige is bovendien het mooiste beroep ter wereld. In ieder geval voor mij. Het mooiste is niet zozeer het feit dat een vrouw bevalt van een kind, maar omdat ik iedere keer zie hoe veel pijn een vrouw kan lijden, gevolgd door een omslag als ze haar kind in haar armen sluit. Die ontlading is zo mooi, zo intens. Ik heb al heel veel bevallingen gedaan, maar daar sta ik elke keer weer van te kijken.”

 

Obstakel

“Ik ben twee keer afgewezen voor de opleiding verloskunde. Er waren 800 aanmeldingen en ruimte voor 25 tot 30 studenten. Die afwijzingen waren zwaar, want ik wilde bij die beste 30 horen. Maar ik wist dat er meer manieren zijn om je doel te bereiken. Ik was intussen begonnen met de opleiding HBO Verpleegkunde, zodat ik toch een diploma had, en volgde daarna de opleiding voor verloskunde in het Belgische Turnhout. België had geen restricties voor het aantal studenten. Het vinden van werk in Nederland was vervolgens niet makkelijk. In de eerste plaats was ik een man. Dat werd in die tijd als een nadeel gezien. Ik werd ook afgewezen omdat ik in België was opgeleid. In Nederland word je opgeleid om zelfstandig thuisbevallingen te doen, in België alleen voor bevallingen onder strenge supervisie in een ziekenhuis. Het Academische Ziekenhuis Utrecht gaf me uiteindelijk de kans om een aantal maanden mee te lopen. Zo kon ik het denkproces van een zelfstandige verloskundige onder de knie krijgen. Daarna werd ik meteen aangenomen in het ziekenhuis in Oss. Toen ik eenmaal werkte als verloskundige, bleek dat mijn patiënten erg tevreden zijn met mijn begeleiding en dat mijn collega’s mijn kennis en kundigheid waarderen.

 

Dankbaar

“Mijn ouders hadden negen kinderen. We kregen allemaal te horen dat het niet uitmaakte welke opleiding we deden, maar dat we wel moesten zorgen voor een diploma. Een diploma is de basis om verder te komen in het leven. Als kind wilde ik liever leuke dingen doen, maar op latere leeftijd leerde ik die strenge opvoeding wel waarderen. Mijn ouders hadden zelf gestudeerd, dus gaven het goede voorbeeld. Inderdaad hebben we alle negen een diploma. Ik heb ook veel te danken aan mensen die me een kans hebben geboden, zoals mijn mentoren in het Academisch Medisch Centrum in Utrecht en het Màxima Medisch Centrum. Ze hebben in mij geïnvesteerd. Het is belangrijk je daar bewust van te zijn en die kans ook te benutten. Ik leer van hun manier van redeneren en logisch nadenken. Mijn huidige mentor zegt altijd: Cedric houdt het simpel, het leven is heel gemakkelijk. Zeg niet meteen nee als een vrouw bijvoorbeeld staand wil bevallen en niet liggend. Maak daarbij wel duidelijke afspraken.”

 

Helpen

“De kansen die ik kreeg, wil ik anderen ook bieden. Momenteel zijn mijn collega en ik nog steeds de twee enige verloskundigen in Nederland, die werken als physician asisstant op een zwangeren high care afdeling. Collega’s die bezig zijn met deze opleiding en een stageplaats zoeken, bied ik altijd de mogelijkheid om bij ons stage te lopen. Zo probeer ik hen te inspireren en te enthousiasmeren. Ik hoop dat het vak van physician assistant zich daardoor landelijk verder kan ontwikkelen.”

 

Advies

“Volg je hart, blijf realistisch en werk dan hard om je droom te bereiken. Het is belangrijk om te beseffen dat opofferingen soms nodig zijn. Ik volgde de opleiding verpleegkunde omdat ik werd afgewezen, maar achteraf ben ik blij dat ik het heb gedaan. Het was leuk en interessant en ik leerde veel over de omgang met patiënten en organisatorische aspecten. Ik heb er veel voordeel van gehad in mijn latere carrière. Soms moet je dus een of twee stappen achteruit zetten om daarna drie of vier stappen vooruit te kunnen zetten. Denk aan de lange termijn doelen en niet alleen aan de korte.”

 

Stichting Ocan ondersteunt Caribische Nederlanders bij het bereiken van hun individuele en gedeelde ambities en doelstellingen. ocan.nl. Volg ons ook op Facebook en Twitter

 

Ocan’s Spotlight: Carlyn Cathalina

Catharina

Foto: Otti Thomas


Nederland telt meer dan 150.000 inwoners met wortels in Curaçao, Aruba, Bonaire, St. Maarten, St. Eustatius en Saba. Duizenden hiervan zijn op hun eigen manier succesvol. Stichting Ocan plaatst dit jaar elk week één van hen in de Spotlight. Deze week de Curaçaose  verpleegkundige/docent Carlyn Cathalina.

Auteur: Otti Thomas 

“Ik heb het altijd leuk gevonden om mensen te helpen. Ik ben opgegroeid bij mijn grootmoeder en na school, hielp ik ouderen in de buurt. Brieven schrijven, boodschappen doen of gewoon een praatje maken. Na de MAVO werkte ik twee jaar bij de Sociale Verzekeringsbank op Curaçao, maar ik hield die wens om mensen te helpen, zodat ik besloot om verpleegkunde te studeren. Curaçao had geen opleiding, dus moest ik naar Nederland. In het Leyenburg ziekenhuis in Den Haag ben ik gestart met de opleiding voor verpleegkunde, maar verhuisde vervolgens naar Amsterdam waar ik de opleiding voor ziekenverzorging en A-verpleegkundige volgde. Na een aantal jaren, besloot ik om terug te gaan naar Curaçao en ging ik in een ziekenhuis werken, maar na die ervaring had ik even genoeg van de verpleging en keerde terug naar Nederland. Ik volgde in Nederland de lerarenopleiding, keerde terug naar Curacao en doceerde daar zorg en welzijn op een school. Nadat mijn man een herseninfarct kreeg, ging ik terug naar Nederland en ben ik weer voltijds gaan werken als verpleegkundige. Dat was ik altijd blijven doen in mijn vrije tijd, ook toen ik als leraar werkte. Onderwijs is namelijk leuk, maar niet echt mijn ding. In de zorg zie je meteen resultaat. Het is dankbaar werk.”

 

Obstakel

“Het is niet nodig om eerst werkervaring op te doen in Nederland als je na je studie terug wilt naar Curaçao. Werken in Nederland is anders dan op Curaçao. Het kan tegenvallen als je al jaren in Nederland hebt gewerkt. Ik zou drie jaar werken in het ziekenhuis, maar na twee jaar en zeven maanden ben ik gestopt. Natuurlijk gaat in Nederlandse ziekenhuizen niet alles goed, maar de verschillen waren voor mij te groot. Verpleegkundigen hebben tijd nodig om te eten en artsen moeten hun verantwoordelijkheid nemen. Het viel mij op dat artsen gedisciplineerd zijn als ze na hun studie in het ziekenhuis begonnen, maar dat die discipline bij sommigen na een tijdje verdween. Dat is jammer.  Patiënten moesten vaak lang wachten. Ik vind dat je altijd moet gaan kijken als  patiënten op de bel drukken, want je weet niet waarom ze je nodig hebben. Ik liep tijdens mijn werk helaas een nekhernia op toen ik iets zwaars tilde. Therapie maakte het voor mijn gevoel alleen erger en ik werd geopereerd op Curaçao. Tijdens mijn opleiding voor leraar kwamen de klachten weer terug en ben ik een tweede keer geopereerd.”

 

Helpen

“Ik sta voor iedereen klaar. Het hoeft niet eens gevraagd te worden. Als ik merk dat er iets is met iemand, dan help ik. De laatste jaren specialiseer ik me in de thuiszorg voor Spaans- en Papiamentstalige mensen. Als mensen in hun eigen taal kunnen communiceren, dan helpt dat bij hun genezing. Ik merk dat ze aan mij veel meer vertellen, dan aan verplegers of verpleegsters die alleen Nederlands spreken. Ik hoor bovendien vaak dat donkere zorgverleners vriendelijker zijn. We zijn volgens deze cliënten hartelijker, geduldiger en behandelen patiënten met meer liefde. Als ik dat hoor, dan weet ik dat mijn werk gewaardeerd wordt. Natuurlijk werk ik net als iedereen voor mijn geld. Maar als ik dat geld aan het eind van de maand krijg, dan weet ik dat het gezegend is, omdat ik heb gewerkt met liefde voor mensen en mijn vak.”

 

Dankbaar

“Ik ben eigenlijk mezelf dankbaar voor wat ik heb bereikt. Ik ben een doorzetter en heb altijd discipline gehad. Ook als kind, toen ik bij mijn oma woonde, had ik dat. Niemand hoefde mij wakker te maken om naar school of naar mijn werk te gaan. Ik werd zonder wekker vanzelf op tijd wakker. Dat is nog altijd het geval. Ik ben gelovig, dus ik ben ook God dankbaar voor de kracht om iets te bereiken.”

 

Inspiratie

“Inspiratie haal ik uit mijn geloof, uit het spirituele. Voor mij is het de Heer, de almachtige, de grote kracht, het universum. Toen ik studeerde, moesten we tijdens een les levensbeschouwing een keer opschrijven wat we echt belangrijk vonden. Voor mij was het dat er een god is. Mijn Nederlandse klasgenoten vonden dat raar, want zij waren minder gelovig, dus ik werd gevraagd om uit te leggen hoe ik het zag. Ik noemde het wisselen van de seizoenen in Nederland. Het wordt zomer, herfst, winter en lente. Alles gaat precies goed. Het is voor mij het bewijs dat er een almachtige kracht is, die daarvoor zorgt. Ik lees ook graag boeken die me inspireren of  iets leren. Nu is dat The Secret of Power. De power is de liefde. Wie liefde geeft, krijgt liefde terug. Ik merk zelf dat het zo is.”

 

Advies

“Een leerling vroeg me ooit, wat het beste beroep is. Maar er is geen beste beroep. Elk beroep heeft zijn nut en zijn charme. Als een vuilnisman het afval niet ophaalt, dan verdrinken we in het vuil. Ik zou geen piloot of stewardess kunnen zijn. Ik ben hooguit een passagier. Met angst. Dus het is goed dat er mensen zijn, die dat wel willen en kunnen. Hetzelfde geldt voor de verpleging. Niet iedereen wil of kan dat doen. Dus alle beroepen hebben nut. Ik adviseerde leerlingen wel dat ze hun diploma moesten halen en meisjes gaf ik het advies om er voor te zorgen dat ze zelfstandig zijn. Je kunt de toekomst niet voorspellen. Als je alleen komt te staan, moet je voor je eigen inkomen kunnen zorgen. Dus als je iets wil, dan ga ervoor. Zelfs al duurt het tien jaar voor je er bent.”

 

Stichting Ocan ondersteunt Caribische Nederlanders bij het bereiken van hun individuele en gedeelde ambities en doelstellingen. ocan.nl. Volg ons ook op Facebook en Twitter

 

Vacature: adviseurs op het gebied van beeldende kunst en cultureel erfgoed – Mondriaan Fonds

Logo downloads NL web blauw
Op verzoek van het Mondriaan Fonds brengen wij onderstaande vacature onder uw aandacht. Belangstellenden kunnen via het online solicitatieformulier reageren.Sluitingsdatum is  vrijdag 7 september 2018.

Mondriaan Fonds zoekt adviseurs op het gebied van beeldende kunst en cultureel erfgoed.

Kandidaten met veel internationale kennis, kandidaten met een niet-westerse achtergrond en kandidaten van buiten de randstad worden nadrukkelijk uitgenodigd te solliciteren. Bij de samenstelling van alle adviescommissies wordt gestreefd naar een goede afspiegeling van de opbouw van de samenleving.

 

Het Mondriaan Fonds is het publieke stimuleringsfonds voor beeldende kunst en cultureel erfgoed. Het fonds investeert namens de burger in de productie en de presentatie van relevante beeldende kunst en erfgoed uit Nederland in binnen- en buitenland. Als landelijk fonds biedt het Mondriaan Fonds ondersteuning aan bijzondere en vernieuwende projecten en activiteiten van beeldend kunstenaars, bemiddelaars, presentatie-instellingen, musea, archieven en andere erfgoedinstellingen, galeries en opdrachtgevers. Aanvragen die bij het fonds binnenkomen, worden voorgelegd aan deskundige externe adviseurs die deze toetsen en het bestuur adviseren over het al dan niet toekennen van de gevraagde bijdrage.

Voor het beoordelen van aanvragen zoekt het fonds per 1 januari 2019 nieuwe leden voor zijn poule: beeldend kunstenaars en beschouwers zoals curatoren, critici, theoretici, wetenschappers, verzamelaars en medewerkers van musea en andere instellingen op het gebied van beeldende kunst en cultureel erfgoed. Dit betekent overigens niet dat adviseurs per se werkzaam moeten zijn in voornoemde vakgebieden. Ook mensen die vanuit andere invalshoeken kunnen adviseren, worden uitgenodigd te solliciteren.

Adviseurspoule
Alle adviseurs van het Mondriaan Fonds maken onderdeel uit van een poule van deskundigen. Hieruit worden verschillende vaste en flexibele adviescommissies samengesteld afhankelijk van de expertise die nodig is voor het beoordelen van de aanvragen.

Bij de beoordeling van aanvragen staan zorgvuldigheid en integriteit centraal. Als adviseur toetst u aanvragen waarbij kwaliteit het leidend criterium is. Daarnaast spelen de beleidsprioriteiten ontwikkeling en verbinding en de begrippen zichtbaarheid, samenwerking en opdrachtgeverschap een belangrijke rol. Klik hier voor meer informatie over het beleid van het Mondriaan Fonds, de algemene voorwaarden, de verschillende bijdragen en beoordelingscriteria.

Functieprofiel
In de verschillende commissies is een diversiteit van expertises vertegenwoordigd om er voor te zorgen dat aanvragen van bijvoorbeeld beeldend kunstenaars, bemiddelaars, opdrachtgevers, musea, archieven en archeologische instellingen of festivals met de juiste deskundigheid worden getoetst. Bij de indeling van commissies wordt rekening gehouden met specifieke expertises.

Als adviseur heeft u een breed zicht op de ontwikkelingen in het culturele veld en beschikt u over kennis op één of meerdere terreinen op het gebied van beeldende kunst en cultureel erfgoed. Adviseurs moeten in staat zijn verschillende disciplines te beoordelen en over hun eigen voorkeuren heen te kijken. U bent in staat om beleids- en activiteitenplannen te beoordelen, begrotingen te lezen en bij te dragen aan een discussie hierover in een commissie. Uitgangspunt bij de beoordeling van alle aanvragen is een inclusief kwaliteitsbegrip waarbij rekening wordt gehouden met de context waarbinnen elke aanvraag is ingediend of uitgevoerd. Adviseurs worden geacht op de hoogte te zijn van de doelstelling van het Mondriaan Fonds en bekend te zijn met de werkwijze van de adviescommissies en deze te onderschrijven. Zie hier het protocol.
De pluriformiteit die eigen is aan kunst en cultureel erfgoed wil het Mondriaan Fonds gerepresenteerd zien in de poule van adviseurs. Kandidaten met veel internationale kennis, kandidaten met een niet-westerse achtergrond en kandidaten van buiten de randstad worden dan ook nadrukkelijk uitgenodigd te solliciteren. Bij de samenstelling van alle adviescommissies wordt gestreefd naar een goede afspiegeling van de opbouw van de samenleving.

Beschikbare plaatsen per 1 januari 2019
Erfgoed
Op het gebied van erfgoed zoekt het Mondriaan Fonds generalisten, met goed zicht op het erfgoedveld en erfgoedbeleid en specialisten met uitgebreide kennis op een of meerdere specifieke terreinen hierbinnen, zoals mobiel erfgoed, natuurhistorisch erfgoed, maritiem erfgoed, archieven, religieuze kunst, volkenkunde, immaterieel erfgoed en digitalisering.

Beeldende kunst
Op het gebied van hedendaagse beeldende kunst zoekt het Mondriaan Fonds beeldend kunstenaars en beschouwers (curatoren, critici, theoretici) en andere deskundigen op het gebied van audiovisuele, digitale en (nieuwe) mediakunst, (sociale) sculptuur en installatiekunst, fotografie en beeldhouwkunst.

Heeft u interesse ons te adviseren?
Sollicitaties indienen kan tot en met 7 september 2018 via het online sollicitatieformulier, voorzien van motivatie en (maximaal een A4) en cv (maximaal drie A4). Wij verzoeken u in uw motivatie een toelichting te geven op de volgende vragen: Waarom wilt u adviseur zijn bij het Mondriaan Fonds? Wat is uw visie op het beleid van het Mondriaan Fonds? Op welke wijze denkt u van toegevoegde waarde te zijn voor het Mondriaan Fonds?

Vergaderfrequentie: varieert van 1 x per maand tot enkele keren per jaar, afhankelijk van de expertise van de betreffende adviseur en de aard van de aanvragen.

Honorering: door middel van vacatiegeld.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Lotte Hemelrijk (020 52319664) of Wouter Koelman (020 5231651).

DCP 2017

Click here to visit the 2017 Gallery

PARTNERS & SPONSORS